Aan het begin van de twintigste eeuw zorgden de Leerplichtwet (1900) en de wettelijke gelijkschakeling van het openbaar en bijzonder onderwijs (1920) voor een enorme toename in het aantal en diversiteit van scholen. In Hilversum speelde ook de enorme bevolkingsgroei en bouw van nieuwe woonwijken een rol. Voor Dudok was dit een uitgelezen kans om zijn ontwerptalent en stedenbouwkundige ideeën te laten samensmelten. ‘Mijn eigen richting in de architectuur begon zich in mijn eerste scholen te ontwikkelen’, aldus Dudok. Voordat Dudok naar Hilversum kwam had hij al aan een lagere school en een HBS in Leiden gewerkt. In Hilversum zou de architect zeker 25 scholen ontwerpen, de eerste in 1916 (Geraniumschool) en de laatste in 1952 (de inmiddels afgebroken Jac. P. Thijsseschool aan de Eksterstraat).
De aandacht verschoof van hygiënische naar onderwijskundige eisen en Dudok paste de modernste pedagogische inzichten toe. Hierbij was het perspectief vanuit de kinderen die de scholen bezochten belangrijk. Lage ramen, een besloten speelplein, aparte handenarbeid- en gymnastieklokalen, en een bont maar harmonisch kleurgebruik. Het ‘lamlendige, gebeukenhoute schoolbanken-geel, het kastdeuren-grijs en de kleurloze streep-schuifgordijnen verdwenen’, zoals een verslaggever destijds opmerkte.
De plaatsing van zijn schoolgebouwen in de wijk kreeg eveneens bijzondere aandacht van de architect. Zij zorgden voor de noodzakelijke afwisseling in het straatbeeld, tegenover ‘het krachtige element van de herhaling’ van de huizen in de wijk. Door een dominante ligging, vaak op kruispunten en zichtassen, en een hoge toren of schoorsteen vormden ze een belangrijk oriëntatiepunt in de wijk.
Hoewel de scholen van Dudok in uiterlijk verschillen, hebben ze vaak dezelfde opzet. De ingang is aan een uiteinde of in een hoekpunt geplaatst, en de gangen liggen aan de kant die het minste licht krijgt. De les- en speellokalen moesten van het zonlicht kunnen profiteren. De gymnastieklokalen zijn in een afzonderlijk gebouw of in een aparte vleugel van de school ondergebracht. Het groen vormde een belangrijk aspect van de ruimte om de school. De kinderen moesten het gevoel krijgen omgeven te zijn door de natuur.
Dudok was trots op zijn scholen en liet ze altijd aan bezoekers zien. In de eigentijdse pers werden de scholen vaak al direct na de bouw geroemd om hun vernieuwende inrichting, hun licht en luchtigheid. Zo kreeg het scholencomplex aan de Egelantierstraat/Eikbosserweg (voormalig Julianaschool en Catharina van Rennesschool) na opening in 1927 een lovende reactie van de verslaggever van de Gooi- en Eemlander: ‘een schitterende complex’, ‘een stralende dominant in de niet al te onharmonieuze omgeving’, ‘speelsche blijheid in lijn en vorm en kleur’. Ook de groenaanleg en plantenkeuze werd geprezen waarmee werd bereikt ‘dat men niet alleen des zoomers, maar den gehelen winter door tegen plantengroen mag aankijken’.
Geinteresseerd in een fietstocht op maat? Stuur een bericht naar info@dudokarchitectuurcentrum.nl